Een staart voor Het Groene Boekje

Het woord pannenkoek kwam weer eens voorbij.
De uitvinding van de tussen-n is de grootste kolder van onze tijd. Wat maakt het in jezusnaam uit? Hij wordt toch niet uitgesproken! Soms is het echt taal-molest: een Taalunie die onze woorden ontleedt en haar n ertussen ramt.

Voor eens en altijd: pannenkoek is fout.
De pannenkoek heet niet pannenkoek omdat hij in een pan gebakken wordt en al zeker niet in twee pannen.
Pannekoek is oorspronkelijk koek gebakken van pan of panne, deeg of beslag vermengd met eieren, dat gemakkelijk rijst. Ons pannebrood of panne komt daaruit voort. Het Franse woord pan (deeghomp) ligt ten grondslag aan pain (brood). Het Engelse pancake heeft dezelfde wortels.
Witbrood is al heel lang uit en pannekoekenbeslag wordt nu gemaakt van zelfrijzend bakmeel, volkorenmeel, boekweit of spelt. Speltpannekoek is dan wel een beetje dubbelop, maar zo weten we tenminste waar we het over hebben.

Wij kennen het broodtype slof, dat zo heet omdat het deeg gekneed wordt in de vorm van ons comfortabel huisschoeisel, de pantoffel, in de volksmond slof. In het italiaans gebruikt men het woord pantofola ook voor huisslof en broodslof. Ook het Italiaanse ciabatta betekent zowel pantoffel als brood (maar dan van ander deeg). Dus weest op je hoede als de ober van de pizzeria vraagt of je ciabatta bij het aperitief wilt: hij zal toch geen zweetvoeten hebben?

Ossenhaas is volgens het Groene Boekje goed gespeld. Ik ben geen taalkundige, maar voor mijn gevoel klopt daar niets van. Moet je minimaal twee ossen slachten voor één haas? Ossehaas is de haas van de osse. Een oude naamvalskwestie. Zoals varkensvlees het vlees des varkens is.

En wat te denken van de (juist gespelde) ossenstaart?
Een staart met aan elk uiteinde een os.
De ultieme staartdeling!

Eet smakelijk!

Advertenties

5 gedachten over “Een staart voor Het Groene Boekje”

  1. ‘De grootste kolder’ zoals je schrijft. Ik ben het met u eens. Ik zit vaak te denken wat “de taalpuristen van het groene boekje” aan het bekokstoven zijn om toch maar weer eens in de belangstelling te komen. Dat onze taal leeft dat is zeker. Maar als het de bedoeling is om de schrijver voortdurend in de onzekerheid naar het groen boekje te laten kijken, dan hoeft het voor mij niet. Als taal leeft en schrijven leeft, heb ik geen probleem met de dichterlijke vrijheden van de schrijver en nog minder met de dichterlijke vrijheid van de lezer.

    Liked by 1 persoon

  2. Oei, is het echt? Je brengt me nu toch wel aan het twijfelen zeker? Zou ik nu normaal pannekoek of pannenkoek schrijven. Ik denk pannenkoek. En mijn automatische correctie zegt dat dat juist is en dat pannekoek fout is. Oei. :)

    Like

Reacties zijn gesloten.