Op de hei, ruggelings gestrekt tussen de paarsblauwe struiken, turend naar een nachtelijke hemel

Een ster

En nog een ster

En kijk daar, nog een

Zie ze schitteren

Hoe groots, hoe diep, hoe ver…

Waren de goden niet ooit

Gewoon gestrande kosmonauten?

Ingrijpend spreek ik tot mezelf:

Kijk uit man, voor je ’t weet

Ontdek je, wederom nogmaals

Weer eens het Universum

In ’s lievehemels naam

Waar begin je an

 

En tóch draait ze!

Roep ik terug

Advertenties

2 gedachten over “Op de hei, ruggelings gestrekt tussen de paarsblauwe struiken, turend naar een nachtelijke hemel”

Reacties zijn gesloten.